Docent/(PhD)onderzoeker Herziening van het strafrechtelijk sanctiestelsel
Posted Updated
Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) Docent/(PhD)onderzoeker Herziening van het strafrechtelijk sanctiestelsel
Description
Erasmus School of Law, departement Law, Society & Crime, is op zoek naar een fulltime Docent/(PhD) onderzoeker, die onderwijstaken gaat combineren met een PhD onderzoek op het inhoudelijk vakgebied van het Sanctierecht, meer in het bijzonder op het onderwerp Herziening van het strafrechtelijk sanctiestelsel (6 jaar, met een 40% onderzoekstaak).
Functieomschrijving
Het departement Law, Society & Crime biedt onderdak aan onderzoekers in strafrecht, criminologie, rechtssociologie en gezondheidsrecht. Het onderzoek van het departement richt zich op vier verschillende, maar onderling verbonden onderzoekslijnen:
Thematisch omvat dit (maar is niet beperkt tot) onderzoek naar verschillende vormen van misdaad en schade (milieucriminaliteit, jeugdcriminaliteit, georganiseerde en ondermijnende misdaad, bedrijfs- en witteboordencriminaliteit, fraude, radicalisme), medisch-ethische kwesties, migratie, diversiteit, processen van insluiting/uitsluiting, oplegging en tenuitvoerlegging van sancties en de verschillende wijzen van bestuur en de bedoelde en onbedoelde gevolgen daarvan.
Het onderzoek van de afdeling strafrecht wordt gekenmerkt door een integrale benadering van zowel de wettelijke systematiek van het straf(proces)recht, inclusief het sanctierecht, als de toepassing en maatschappelijke werking daarvan door de verschillende organen van de strafrechtspleging. Het straf(proces)recht wordt daarmee uitdrukkelijk bestudeerd in zijn context. Een context die niet alleen nationaal wordt vormgegeven, maar ook Europees en internationaalrechtelijk. De afdeling strafrecht voert daarom vaak rechtsvergelijkend onderzoek uit, naast klassiek-juridisch onderzoek en kwalitatief en kwantitatief empirisch onderzoek.
De afdeling strafrecht is verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van het bachelorcurriculum van de studie Rechtsgeleerdheid van Erasmus School of Law. Bovendien verzorgt de afdeling strafrecht een volledige masteropleiding Strafrecht, binnen de master Rechtsgeleerdheid van Erasmus School of Law.
PhD project: Herziening van het strafrechtelijk sanctiestelsel
Het Nederlandse strafrechtelijke sanctiestelsel – opgenomen in het Wetboek van Strafrecht – is de afgelopen decennia aanzienlijk uitgebreid. Vanuit een schijnbaar onophoudelijke behoefte aan differentiatie in de overheidsreactie op strafbaar gedrag, heeft de wetgever niet alleen het aantal straffen en maatregelen uitgebreid, maar deze ook van een verschillende aard voorzien. Naast sancties die vrijheidsbeneming of vrijheidsbeperking inhouden voor de veroordeelde, zijn er sancties die de veroordeelde in zijn vermogen treffen en sancties die meer gericht lijken te zijn op (bescherming van) het slachtoffer dan op de veroordeelde zelf. Ook in de wijze van tenuitvoerlegging van de sancties zijn vele veranderingen doorgevoerd. We kunnen daarmee stellen dat er sprake is van een immer uitdijend palet aan sancties.
Nu vormt het strafrecht als zodanig en het sanctierecht in het bijzonder, onmiskenbaar een vertaalslag van veranderende maatschappelijke en politieke opvattingen. Verandering en uitbreiding van het sanctiestelsel kan om die reden bepaald legitiem zijn. Essentieel is echter wel dat hier telkens ook een legitimerende noodzaak toe bestaat en dat voortdurend de consistentie, onderlinge samenhang en uitwerking van het stelsel voor ogen wordt gehouden. Hedendaagse ontwikkelingen in rechtspraak en praktijk maken dat de vraag reëel is in hoeverre hiervan sprake is. Het openbaar ministerie (met een strafbeschikking) en strafrechters die bepaalde sanctiedoelen voor ogen hebben, kunnen deze tegenwoordig nastreven met de toepassing van verschillende straffen of maatregelen. Die straffen of maatregelen hebben op hun beurt vaak verschillende gevolgen voor een veroordeelde, wat betreft de zwaarte van de sanctie, en wat betreft de rechtspositie en de mogelijkheden zich te verweren tegen de oplegging en tenuitvoerlegging van de sancties. Door de wetgever is niet of nauwelijks richting gegeven aan de keuze voor toepassing van een bepaalde sanctie of een tenuitvoerleggingsmodaliteit, noch duidelijkheid gecreëerd over de onderlinge verhouding tussen de verschillende sancties. Ook in de rechtspraak zijn daar geen kaders voor ontwikkeld. Dit leidt tot vragen over de rechtszekerheid, over de effectiviteit van het sanctiestelsel, over de evenredigheid van sancties, en over de mogelijkheden voor rechtsbescherming.
In het promotieonderzoek staat de vraag centraal hoe het strafrechtelijke sanctiestelsel opnieuw zou kunnen worden vormgegeven. Hoe verhouden afzonderlijke sancties zich tot elkaar qua grondslag, doel en werking? Welke verbeteringen zijn mogelijk in het licht van de rechtszekerheid, effectiviteit, evenredigheid en rechtsbescherming? Kunnen bijvoorbeeld verschillende sanctiedoelen worden geëxpliciteerd en sancties worden geclusterd?
Het onderzoek zal onder andere kunnen bestaan uit rechtshistorisch onderzoek en een omvattend jurisprudentieonderzoek. Voor een nationaal overstijgend perspectief kan het onderzoek eveneens bestaan uit een verkenning van het Europese strafrecht. Rechtsvergelijkend onderzoek naar sanctiestelsels van enkele andere Europese landen kan inzicht bieden in voor- en nadelen van mogelijke alternatieven voor het Nederlandse sanctiestelsel.
Een helder, evenwichtig en goedwerkend sanctiestelsel is enerzijds de voorwaarde voor een effectieve bestrijding van strafbare gedragingen begaan in onze economie en in onze samenleving, terwijl het anderzijds burgers en bedrijven behoedt voor onder andere rechtsongelijkheid en onevenredige straffen. Daarmee sluit het beoogde PhD onderzoek nauw aan op het aan de EUR-impactdomeinen verbonden ESL-onderzoeksthema 'Security, rule of law and social resilience' en heeft het tevens raakvlakken met het ESL-onderzoeksthema 'Economic prosperity and inequality'.
Kandidaten worden uitdrukkelijk uitgenodigd om hun eigen ideeën over het onderzoeksproject te ontwikkelen en om deze in de sollicitatieprocedure naar voren te brengen.
Supervisors: prof. mr. S. (Sanne) Struijk en prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest
Functieomschrijving
Het departement Law, Society & Crime biedt onderdak aan onderzoekers in strafrecht, criminologie, rechtssociologie en gezondheidsrecht. Het onderzoek van het departement richt zich op vier verschillende, maar onderling verbonden onderzoekslijnen:
- De studie van fenomenen die verband houden met onveiligheid, onzekerheid en marginalisering, en de sociale reacties op deze fenomenen, zowel vanuit een juridisch normatief perspectief als vanuit een empirisch perspectief;
- De analyse van fundamentele veronderstellingen die ten grondslag liggen aan regelgeving en het bestuderen van de uitvoering van regelgeving, de effectiviteit en de legitimiteit ervan, en de onbedoelde gevolgen van de manier waarop de wet wordt uitgevoerd;
- De studie van actoren en beroepen binnen het (straf)rechtssysteem, met inbegrip van de rechterlijke besluitvorming en de werkwijze van juridische beroepsbeoefenaren;
- Fundamentele juridische reflectie op de rol van strafrechtelijke sancties, (hervormingen in) het strafproces, en de studie van overgangen tussen rechtsgebieden, met inbegrip van vragen over bevoegdheden tussen verschillende jurisdicties en autoriteiten.
Thematisch omvat dit (maar is niet beperkt tot) onderzoek naar verschillende vormen van misdaad en schade (milieucriminaliteit, jeugdcriminaliteit, georganiseerde en ondermijnende misdaad, bedrijfs- en witteboordencriminaliteit, fraude, radicalisme), medisch-ethische kwesties, migratie, diversiteit, processen van insluiting/uitsluiting, oplegging en tenuitvoerlegging van sancties en de verschillende wijzen van bestuur en de bedoelde en onbedoelde gevolgen daarvan.
Het onderzoek van de afdeling strafrecht wordt gekenmerkt door een integrale benadering van zowel de wettelijke systematiek van het straf(proces)recht, inclusief het sanctierecht, als de toepassing en maatschappelijke werking daarvan door de verschillende organen van de strafrechtspleging. Het straf(proces)recht wordt daarmee uitdrukkelijk bestudeerd in zijn context. Een context die niet alleen nationaal wordt vormgegeven, maar ook Europees en internationaalrechtelijk. De afdeling strafrecht voert daarom vaak rechtsvergelijkend onderzoek uit, naast klassiek-juridisch onderzoek en kwalitatief en kwantitatief empirisch onderzoek.
De afdeling strafrecht is verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van het bachelorcurriculum van de studie Rechtsgeleerdheid van Erasmus School of Law. Bovendien verzorgt de afdeling strafrecht een volledige masteropleiding Strafrecht, binnen de master Rechtsgeleerdheid van Erasmus School of Law.
PhD project: Herziening van het strafrechtelijk sanctiestelsel
Het Nederlandse strafrechtelijke sanctiestelsel – opgenomen in het Wetboek van Strafrecht – is de afgelopen decennia aanzienlijk uitgebreid. Vanuit een schijnbaar onophoudelijke behoefte aan differentiatie in de overheidsreactie op strafbaar gedrag, heeft de wetgever niet alleen het aantal straffen en maatregelen uitgebreid, maar deze ook van een verschillende aard voorzien. Naast sancties die vrijheidsbeneming of vrijheidsbeperking inhouden voor de veroordeelde, zijn er sancties die de veroordeelde in zijn vermogen treffen en sancties die meer gericht lijken te zijn op (bescherming van) het slachtoffer dan op de veroordeelde zelf. Ook in de wijze van tenuitvoerlegging van de sancties zijn vele veranderingen doorgevoerd. We kunnen daarmee stellen dat er sprake is van een immer uitdijend palet aan sancties.
Nu vormt het strafrecht als zodanig en het sanctierecht in het bijzonder, onmiskenbaar een vertaalslag van veranderende maatschappelijke en politieke opvattingen. Verandering en uitbreiding van het sanctiestelsel kan om die reden bepaald legitiem zijn. Essentieel is echter wel dat hier telkens ook een legitimerende noodzaak toe bestaat en dat voortdurend de consistentie, onderlinge samenhang en uitwerking van het stelsel voor ogen wordt gehouden. Hedendaagse ontwikkelingen in rechtspraak en praktijk maken dat de vraag reëel is in hoeverre hiervan sprake is. Het openbaar ministerie (met een strafbeschikking) en strafrechters die bepaalde sanctiedoelen voor ogen hebben, kunnen deze tegenwoordig nastreven met de toepassing van verschillende straffen of maatregelen. Die straffen of maatregelen hebben op hun beurt vaak verschillende gevolgen voor een veroordeelde, wat betreft de zwaarte van de sanctie, en wat betreft de rechtspositie en de mogelijkheden zich te verweren tegen de oplegging en tenuitvoerlegging van de sancties. Door de wetgever is niet of nauwelijks richting gegeven aan de keuze voor toepassing van een bepaalde sanctie of een tenuitvoerleggingsmodaliteit, noch duidelijkheid gecreëerd over de onderlinge verhouding tussen de verschillende sancties. Ook in de rechtspraak zijn daar geen kaders voor ontwikkeld. Dit leidt tot vragen over de rechtszekerheid, over de effectiviteit van het sanctiestelsel, over de evenredigheid van sancties, en over de mogelijkheden voor rechtsbescherming.
In het promotieonderzoek staat de vraag centraal hoe het strafrechtelijke sanctiestelsel opnieuw zou kunnen worden vormgegeven. Hoe verhouden afzonderlijke sancties zich tot elkaar qua grondslag, doel en werking? Welke verbeteringen zijn mogelijk in het licht van de rechtszekerheid, effectiviteit, evenredigheid en rechtsbescherming? Kunnen bijvoorbeeld verschillende sanctiedoelen worden geëxpliciteerd en sancties worden geclusterd?
Het onderzoek zal onder andere kunnen bestaan uit rechtshistorisch onderzoek en een omvattend jurisprudentieonderzoek. Voor een nationaal overstijgend perspectief kan het onderzoek eveneens bestaan uit een verkenning van het Europese strafrecht. Rechtsvergelijkend onderzoek naar sanctiestelsels van enkele andere Europese landen kan inzicht bieden in voor- en nadelen van mogelijke alternatieven voor het Nederlandse sanctiestelsel.
Een helder, evenwichtig en goedwerkend sanctiestelsel is enerzijds de voorwaarde voor een effectieve bestrijding van strafbare gedragingen begaan in onze economie en in onze samenleving, terwijl het anderzijds burgers en bedrijven behoedt voor onder andere rechtsongelijkheid en onevenredige straffen. Daarmee sluit het beoogde PhD onderzoek nauw aan op het aan de EUR-impactdomeinen verbonden ESL-onderzoeksthema 'Security, rule of law and social resilience' en heeft het tevens raakvlakken met het ESL-onderzoeksthema 'Economic prosperity and inequality'.
Kandidaten worden uitdrukkelijk uitgenodigd om hun eigen ideeën over het onderzoeksproject te ontwikkelen en om deze in de sollicitatieprocedure naar voren te brengen.
Supervisors: prof. mr. S. (Sanne) Struijk en prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest